|
|
Wraak
is zoet
Huilend en vooral pisnijdig stormde mijn zoon van zeven het huis binnen. Hij had het, voor de zoveelste keer, afgelegd tegenover zijn twintig kilo zwaardere en vooral sterkere buurjongen. Nadat hij zijn machteloosheid had uitgehuild en zijn wonden gelikt, stoof hij weer naar buiten. Vanuit het keukenraam zag ik hem de omgeving gadeslaan. Zijn vijand was nergens te bekennen, diens jas wel. Hij stoof er op af, pakte hem op en schudde hem heen en weer zoals een roofdier zijn prooi het leven beneemt. Vervolgens smeet hij hem op de grond en stampte er nog een ontelbare aantal keren stevig op om zijn laatste resten frustratie te lozen. Een duidelijker staaltje oog om oog, tand om een heel gebit had ik lang niet gezien. Met de blik van een overwinnaar kwam de jassenkiller weer binnen. Wraak is zoet. Alsof dat gram toch iets van die - in jouw beleving - vele kilo's leed verlicht. En dat is lekker want sommige mensen lopen er krom van. Zij blijven jarenlang slachtoffer van de dader van weleer en dus uiteindelijk van zichzelf. Veel beter is het om ellende die je jezelf hebt laten aandoen van je af te stampen, schreeuwen of tieren (liefst in een geluiddichte kamer of het bos). Waarna de vraag: hoe kon ik zo stom zijn om mezelf dit te laten gebeuren noodzakelijkerwijs gesteld moet worden om te voorkomen dat de weegschaal opnieuw doorslaat. Bij kinderen werkt het vergeldingsmechanisme nog zo heerlijk spontaan. Jij mij meppen? Klets, dan ikke jou. Als volwassenen zich ermee gaan bemoeien ontstaan de problemen pas echt.We appelleren aan gezond verstand, vrede op aarde en meer van die wijze raad. Uiteindelijk worden de meeste van ons keurige volwassenen die - al dan niet onder het juk van kerk of tegenwoordig new age - de beweegredenen van hun vijand begrijpen ( God zij weten niet beter), hun leed opstapelen en moedig maar vooral stilzwijgend dragen. Toch zijn sommige menselijke mechanismen bijna niet uit te roeien. Als volwassen mens denk je wel twee keer na voordat je iemands jas midden op straat dood trapt. Dat wil niet zeggen dat we niet allemaal wel eens - al dan niet heimelijk - de neiging hebben om iemands spullen - of erger - kapot te maken. Aan te raden is díe neiging te onderdrukken en je gal te spuwen. Een spirituele vriendin van me noemt het je hart terug halen. Gewoon even moed verzamelen, een paar stoute schoenen aantrekken en alles eruit gooien wat je al zo lang geleden had moeten zeggen. Verder geeft alleen het bedenken van allerlei wraakplannen meestal al voldoende genoegdoening. Je schrikt ervan wat er allemaal uit een gekwetst brein kan ontspruiten. In dat geval staan er gelukkig vaak een heleboel praktische bezwaren tussen droom en daad. Ik herinner me een vriendin die er een dagtaak van maakte om te bedenken wat ze haar ex allemaal kon aandoen als ze wilde. Alleen de gedachten aan die macht was - gelukkig voor hem - voldoende om haar frustratie op den duur te koelen. Ze kwam uiteindelijk niet verder dan, in het holst van de nacht, secondelijm in het slot van zijn voordeur spuiten. Wat ze natuurlijk wel zo timede dat ze, vanuit een veilige schuilplaats, getuige was van de uitwerking van haar daad. |