| Terug |
Mysterie
14-18
Richard
Heijster heeft een meer dan sterke verbinding met de 'Grooten Oorlog'.
Eerder schreef hij twee boeken: Verdun, breuklijn der beschaving en Ieper
14-18. Gedegen historische boeken, te gebruiken als reisgids voor een
tocht over het slagveld. Van een hele andere orde is Mysterie 14-18. Het
vertelt over onverklaarbare verschijnselen op het slagveld, toen en nu.
Zijn derde boek is anders, zijn aanpak dezelfde. Hij kiest voor helderheid
en zuiverheid en met het notenregister achter in het boek blijft hij zijn
wetenschappelijke inborst trouw.
Richard Heijster Mysterie 14-18, de Eerste Wereldoorlog onverklaard
De slagvelden en het leven na de dood
Witte
wijn uit de Elzas, uit glazen die hij vond in de loopgraven van Verdun.
Omringd door oude meubels, helmen, persoonlijke bezittingen van soldaten,
stukjes prikkeldraad, foto's en andere stille getuigen van de eens zo
bloedige slagvelden. Een olielamp die ooit het pad verlichtte van jonge
soldaten op weg naar een zekere dood, staat flakkerend op tafel.
De Eerste Wereldoorlog is een deel van het dagelijkse leven van Richard
Heijster. Bewogen, gedreven en begaan vertelt hij over zichzelf en de
onverklaarbare verschijnselen uit zijn derde boek. Het lijkt alsof de
veroorzakers van die verschijnselen vanavond over onze schouders meekijken.
Later op de avond staan we samen vóór een oud kastje naar
een vaas te 'luisteren'. Het is alsof er iemand met zijn nagel tegen het
keramiek tikt. We zoeken de oorzaak, maar het verschijnsel blijft onverklaarbaar.
"Kom maar als de schermering invalt", zegt hij bij het maken van onze
afspraak. "Dat is de juiste sfeer voor mijn verhalen". De oorlog van 1914
tot 1918 en zijn onverklaarbare verschijnselen had mij al aardig in zijn
grip toen ik het manuscript van Heijsters boek haast in een adem uitlas.
Om die sfeer nog meer in ons op te nemen kijken we eerst naar videobanden
met beelden uit die tijd.
De oorlogsbeelden, die ik tot dan toe altijd gemeden heb, raken me tot
in het diepst van mijn ziel. Hoe kunnen mensen elkaar dit aandoen. Miljoenen
mannen vonden de dood in deze oorlog.
In een televisie-interview voor het programma 'Middag Editie', maakt Richard,
staand bij een van de talloze graven van Ieper, een opmerking die ik zelf
had kunnen maken. "De slagvelden en deze graven moeten een blijvende waarschuwing
zijn. Als niemand meer gaat kijken verliezen ze hun functie; zijn de doden
voor niets gestorven".
Ongewenst
Uit de verhalen in Mysterie 14-18 lijkt het alsof de doden van de slagvelden
van Verdun en Ieper diezelfde boodschap levend proberen te houden. Het
ene na het andere ooggetuigenverslag verhaalt over het voelen of zien
van 'levende' doden. Bezoekers voelen op sommige plaatsen warmteverschillen
of ervaren hun aanwezigheid als zeer ongewenst. Anderen krijgen juist
het gevoel erg welkom te zijn. Richards eigen ervaringen waren in eerste
instantie aanleiding tot het schrijven van zijn derde boek.
"Al tijdens mijn allereerste bezoek aan het oude Westfront kreeg ik het
gevoel op bepaalde plaatsen te worden weggedrukt. Er was iets waardoor
je daar gewoon weg wilde. In het gebied bij Verdun zijn 700.000 doden
gevallen op een terrein van zo'n vijf bij tien kilometer. Dat laat zijn
sporen achter en niet alleen in de vorm van kogels, granaten en helmen."
Bram Vermeulen schreef het voorwoord voor Heijsters boek over Ieper. Daarin
vertelt Vermeulen over zijn eigen onverklaarbare ervaringen en gevoelens.
Richard: "In 1997 maakte ik voor een programma van de EO een reis naar
Verdun. Ik las de woorden van Vermeulen voor aan mijn reisgezelschap;
twee hoge legerofficieren en een historicus. Tot mijn stomme verbazing
waren ook zij van mening dat er in Verdun nog steeds iets magisch aan
de hand is."
Heijster: "Ik moest dit boek schrijven. Er is iets geweest dat mij gedwongen
heeft dit boek te schrijven. Het komt medio september uit en ik ben pas
een jaar geleden, met vrijwel niets, begonnen. Alleen met mijn eigen gevoel.
Toen ben ik gaan spitten, boeken na gaan pluizen en heb ik overal mijn
vragen neergelegd. Er kwam zo'n stroom reacties op me af dat ik kon kiezen
uit een aanbod van verhalen. Ik zou er zo nog een boek mee kunnen vullen,
maar ik heb alleen gekozen voor krachtige verhalen met een boodschap waar
ik niet aan twijfelde."
"Ik heb geen zin om andermans onwaarheden te publiceren en ik heb
ook niets aan de verhalen van allerlei fantasten. Ik voelde dat ik dit
boek met de grootst mogelijke zuiverheid moest schrijven. Ik voel me hier
toe gedwongen omdat ik datgene dat daar op de slagvelden is met open ogen
aan wil blijven kijken. Ze weten volgens mij dat ik er voor zorg dat ze
niet vergeten worden", zegt Heijster.
We
gaan een nieuw millenium in en ik heb, net als vele anderen, het gevoel
dat we aan een hele nieuwe tijd beginnen. Dat we op een keerpunt staan.
De verhalen die zich op de slagvelden afspelen, spelen zich ook op andere
plekken in de wereld af. Ik sta met beide benen op de grond en heb met
mijn twee geschiedkundige boeken min of meer aangetoond geloofwaardig
te zijn. Geen zwever. Nu heb ik een historisch boek gemaakt dat afwijkt
van het gangbare, maar qua aanpak net zo in elkaar zit als de twee voorgaande.
Ik denk dat de mensen aan dit soort boeken toe zijn. Het verbaast mij
overigens, dat de Eerste Wereldoorlog nog nooit in dit perspectief is
belicht, terwijl oh zo veel mensen kennelijk van het fenomeen op de hoogte
zijn."
In een van de laatste hoofdstukken van Mysterie 14-18 vertelt magnetiseur-therapeut
Rob van Zanten uit Oud-Beyerland over zijn ontmoetingen op de slagvelden.
Hij geeft een verklaring voor het zich gewenst of ongewenst voelen tijdens
het bezoeken van bepaalde delen van het slagveld. Volgens Van Zanten nemen
de geesten de bezoekers waar in de gedaante zoals ze waren in een vorig
leven tijdens de Eerste Wereldoorlog. Was de toerist toen bijvoorbeeld
zijn vorig leven een Franse soldaat, dan zal een ronddolende Duitse ziel
hem als de vijand waarnemen en deze vijandelijke gevoelens ook overbrengen."
Duitse
militair
"Terwijl ik je mijn verhaal vertelde", zegt Van Zanten tegen
Richard tijdens een ontmoeting, "zag ik achter je een van je twee
geleidengeesten staan. Zo'n geleidegeest kan zich manifesteren in de vorm
van je laatst geleefde leven. In jouw geval als Duitse Soldaat. Hij is
degene die je zo inspireert tijdens je schrijven."
Van Zanten, zijn vrouw Anja en verschillende vrienden hebben tijdens elk
bezoek aan het oorlogsgebied wel enkele opmerkelijke ervaringen. Net als
vele andere bezoekers van het oude front die reageerden op de oproep.
Tijdens zijn bezoeken aan de slagvelden kreeg Richard ook bijzondere verhalen
te horen. "Ik sprak een man die met een metaaldetector bezig was
en die de aandrang kreeg om naar een bepaalde plek te gaan. Daar waar
hij normaal nooit zou zijn gaan graven deed hij dat nu wel en vond een
compleet lijk".
Voor de zoveelste keer deze avond loopt Richard naar zijn boekenkasten
en zijn enorme archief. Eerder liet hij me mappen zien met originele brieven
en e-mails van de vertellers uit zijn boek. Nu laat hij de foto zien van
de resten van de soldaat die daar werd opgegraven. "Het is net alsof
zo'n lijk na 80 jaar rust wil vinden en rijp is om verder te gaan",
zegt hij.
"Duizend
soldaten"
"They are not missing, they are here.", zei veldmaarschalk Plumer in 1927
tijdens de opening van de Meensepoort in Ieper. Daar zijn de namen van
de 55.000 Britse soldaten aangebracht, die nooit zijn teruggevonden in
de Vlaamse grond. Nadat ons gesprek onderbroken wordt door het raadselachtige
getik tegen de vaas, kijkt Richard me aan en zegt: "They are here".
En wij daar... We zaten samen midden in de oorlog, de videobeelden nog
op het netvlies, de verhalen, de olielamp, de glazen en alle tastbare
herinneringen om ons heen. De indringende woorden en muziek van Willem
Vermandere en zijn 'Duizend Soldaten' zijn zojuist weggestorven.Alles
voelt als een onverklaarbare herkenning. De sfeer in de kamer is er niet
een van angst en dood, maar van vrede. Een immense rust en stilte heerst
er tussen de woorden. We laten het getik met rust en het getik ons. We
praten verder. "Plaatsen als Verdun en Ieper hebben alles te maken met
oorlog, maar ook alles met vrede. Het zijn plekken die nog steeds een
hele belangrijke boodschap uitstralen. Ze laten zien dat oorlog een absolute
en complete waanzin is."
Het doorgeven van die boodschap is Richard Heijsters motief om te schrijven
over de Eerste Wereldoorlog. "In mijn laatste boek probeer ik min of meer
aan te tonen dat er leven na de dood is. Maar ik wil de lezer zijn eigen
conclusie laten trekken. Nogmaals, ik probeer zo zuiver mogelijk te zijn.
Die zuiverheid mis ik vaak in andere boeken die over parapsychologie gaan.
Als je als legerofficier, wetenschapper of politieagent met dit soort
verhalen naar buiten komt, dan weet je van te voren dat je collega's daar
niet blij mee zullen zijn. Toch vertellen deze mensen hun ervaringen en
heeft iedereen toestemming gegeven om zijn naam en woonplaats te vermelden.
Het zijn stuk voor stuk mensen die iets te verliezen hebben.
Ze hechtten er aan hun verhaal, waar een duidelijke boodschap in schuilt,
niet verloren te laten gaan "
Grote
Geheel
Mysterie 14-18 bestaat uit twee delen. Deel twee: 'De oorlog die niet
eindigde', bevat de ooggetuigenverslagen over de onverklaarbare gebeurtenissen
die hedentendage plaatsvinden op het slagveld van toen.
Deel 1 heet 'De Aangekondigde dood'.
Via ondermeer de profetische kalender van Cheops, de kwartrijnen van Nostradamus,
Charles Russel en helderziende ogenblikken van Churchill toont Heijster
aan dat het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog al lang van te voren
vast lag. De jaren 14-18 kenmerkten zich door een aaneenschakeling van
paranomale gebeurtenissen.
Veel politieke en militaire leiders hielden zich bezig met het occulte
of lieten zich leiden door paranormale voorspellingen.
'De aangekondigde dood', bevat ook een toegankelijk stuk geschiedenis.
Heijster:: "Die achtergrondkennis is gewoon nodig om het grote geheel
te kunnen snappen.
Als je die verhalen en gebeurtenissen wilt begrijpen, moet je weten hoe
die tijd in elkaar zat, onder welke spanningen de mensen stonden en welke
invloeden ze ondergingen. Om alles in het juiste kader te kunnen plaatsen
moet je inzicht hebben in die tijd."
Richard
leek die tijd van toen al te kennen tijdens het luisteren naar de verhalen
van zijn geschiedenisleraar op de middelbare school. "Tijdens het horen
van de verhalen zag ik de beelden voor me. Ik herkende het tijdsbeeld
en wist hoe het er daar uitzag", vertelt hij. "Ik kan heel erg slecht
tegen onrecht, had altijd al een aangeboren hekel aan ruzie en oorlog
en een aversie tegen ongebreidelde macht."
"Zo'n zes a zeven keer per jaar ga ik naar het oude front toe. 'Vrienden'
opzoeken. Als ik daar ben komen er een hoop gevoelens vrij en op me af
en dat heeft te maken met herkenning. Misschien ben ik daarom zo bereid
me in te zetten tegen de verheerlijking van krijgsgeweld."
İRia
Kerstens
|
|