Tekst: Ria Kerstens

Bijzondere relatievormen
Geen huisje, boompje, beestje


Getrouwd maar niet op de huisje, boompje, beestje -manier. Deze drie vrouwen kozen bewust voor een andere, maar bijzondere relatievorm die hen gelukkig maakt.

'Als we bij elkaar zijn geeft dat een beetje een vakantiegevoel'

Nienke Elsing (49) is al 13 jaar gelukkig getrouwd met Robert. Hij woont in hartje Amsterdam, zij in Driebergen.

'Nadat we trouwden gingen we samenwonen op een woonboot in Wilnis. Ik vond het er geweldig maar Robert vond het er verschrikkelijk en kwijnde weg. Hij is een echt stadsmens. Op die woonboot ontdekte ik eigenlijk pas dat ik buiten wil zijn zoals ik in mijn kinderjaren in Azië woonde. Dat is wat mij oplaadt en gelukkig maakt. Bij Robert is dat net het tegenovergestelde; hij heeft de energie van de stad nodig. Na zeven jaar kwam het moment dat ik moest kiezen tussen Robert en het buitenleven. Een combinatie van die twee was een onmogelijkheid. Toch probeerden we nog anderhalf jaar een tussenvorm aan de rand van Amsterdam. Maar dat was vlees noch vis: je bent niet echt buiten en ook niet echt in de stad en dus geen van beiden happy. We hakten we de knoop door en kochten twee huizen. Nu zijn we van vrijdag tot en met maandagochtend samen. De ene week in Amsterdam, de andere in Driebergen.
Er zijn een paar voorwaarden nodig om zo te wonen. De allereerste is dat je de keuze allebei bewust maakt. Als de een zich opoffert voor de andere gaat het niet werken. Wij hebben de alternatieven en het compromis geprobeerd en dan is de keuze makkelijker. Maar je moet ook een bepaald karakter hebben. Wij zijn allebei twee zelfstandige mensen met ons eigen werk en onze eigen passies. En we zijn niet altijd bij elkaar, maar ik wil wel iedere avond welterusten tegen hem zeggen en de dag bespreken. Dat heb ik nodig en is een heilig moment.

Het huis in Amsterdam is echt Roberts huis; het is helemaal zijn plek. Ik maak daar ook niet schoon, doe er geen boodschappen. Dat is de afspraak. Als ik bij Robert ben voel ik me niet verantwoordelijk voor zijn huis of huishouden. En dat is heel ontspannend. Je hebt als vrouw toch sneller de neiging om zijn rotzooi op te ruimen. Dat moet je niet doen. Ik heb mijn eigen huis. Hij zorgt voor zijn huishouden en ik voor het mijne. Als we bij elkaar zijn geeft dat een beetje een vakantiegevoel. We schuiven ook nooit met de weekenden. Er is altijd wel ergens iets belangrijks te doen: een verjaardag of een concert. De tijd die we samen hebben is heel waardevol en vullen we ook echt heel bewust in. Wij hebben geen weekenden waarin we non-stop omgeven zijn door andere mensen. Ja, wij hebben het echt gevonden. We zijn happy met de vorm waarin we samenwonen. Ik merk dat wij elkaar regelmatig missen en dat is best gezond. Zonder echt commitment lukt zo'n relatie als wij hebben niet. Na de crisis in Wilnis hadden we ook uit elkaar kunnen gaan. Het is voor mij en Robert gemakkelijker om iemand te vinden die aan onze wensen voldoet. En natuurlijk zou ik het heerlijk vinden om een man te hebben die met mij ergens in een boerderij op het platteland wil wonen. Waar ik elke dag de katten, honden en de kippen kan voeren. Als je merkt dat je zo anders bent, komt er een moment dat je écht voor elkaar moet kiezen. Dat deden wij. Wij besloten dat we er altijd wel uitkomen. Dat we, wat er ook gebeurt, altijd een oplossing zoeken…'

 

'Als je van de persoon houdt, kun je blijven'


Martine (60) trouwde 39 jaar geleden met Jaco (61). Na bijna dertig jaar ontdekte Jaco dat hij eigenlijk een vrouw was, die in het verkeerde lichaam woonde. Uiteindelijk volgde er een genderoperatie. Martine besloot ondanks die beslissing om in haar huwelijk te blijven.

'Janca vertelde het op een donderdagavond. Ik was daar niet echt verbaasd over, maar we hebben wel tot zaterdagochtend tien uur zitten praten samen. Zonder te slapen. Ze verkleedde zich al wel vaker als vrouw en dan merkte ik dat ze daar een veel vriendelijker mens van werd. Dat was een afschuwelijke periode en ik hoopte dat het tot een paar keer maand beperkt bleef. We wonen in een dorp waar we geen van beiden familie hebben dus ik kon ook nergens terecht. Samen gingen we naar een psychologe die gespecialiseerd is in transgender en travestie. Zij ging heel ver met Janca mee in haar gevoelens. Dat gaf mij het gevoel dat ze me bijna dwong het te accepteren. Een andere psycholoog heeft me weer helemaal op de rails kunnen zetten. Daar ben ik drie jaar in behandeling geweest. Mijn man was ik kwijt, dat wist ik al vanaf die donderdagavond. Ik kon weglopen, maar dan was ik alles kwijt.

We namen in ieder geval de beslissing om te gaan verhuizen. Ik was in dat huis al 12 jaar niet gelukkig en dus verhuisden we naar de gemeente waar ik werk. Dan kon ik ook met de fiets naar mijn werk toe. Ik wilde onafhankelijker worden. We maakten verder de afspraak dat de zolderetage in het nieuwe huis helemaal van mij zou zijn. Een eigen plek voor als ik me wilde afzonderen. Met een bed, een televisie en een stoel; mijn eigen ruimte. Dat was voor mij voldoende ontsnappingsmogelijkheid voor als het me te veel zou worden. Het mooie is dat die kamer wel als hobbykamer wordt gebruikt maar dat het nooit een ontsnappingsruimte werd. Maar dat die mogelijkheid er is, geeft mij tot op de dag van vandaag nog steeds een veilig gevoel.

Ik denk dat de kracht van ons samenzijn ook zit in het vele dat we samen hebben meegemaakt. De grote klap was het ernstige verkeersongeval dat Janca in 1994 had. Dat had een vreselijke impact op het gezin. Daar moesten we als gezin doorheen en eiste veel in de relatie van ons tweeën. De wereld staat echt niet klaar om je te helpen. Vóór het ongeluk werkte Janca soms 80 uur per week. Altijd maar bezig zijn zodat ze die gevoelens kon wegduwen. Na het ongeluk werd ze 100 procent afgekeurd en kreeg ze veel tijd om na te denken. Op een dag wilde ze naar een clubavond van de Landelijke Contact Groep Traverstie & Transseksualiteit. Ze hield helemaal niet van uitgaan, maar die avond kwam ze pas om drie uur 's nachts terug. Ze had het geweldig naar haar zin gehad. De maand daarna ging ze weer. Ik dacht wat gebeurt er? De keer daarop wilde ik mee. Daar ben ik goed opgevangen. Ik was een van de weinige vrouwen die niet hard wegliep.
Je weet dat je je man hebt verloren, maar nog niet wat je er voor terug krijgt. Een vrouw, mijn vrouw? Maar Janca is mijn partner. Ik zie haar helemaal als vrouw, vergis me nooit in haar naam. Nu zijn we maatjes voor het leven, we delen alles met elkaar.

We hebben een relatie waar nu veel meer ruimte is voor intimiteit en het samen delen van gevoelens en gedachten. Een enorme rijkdom. De liefde voor elkaar is er nog. Misschien zijn we wel van de oude stempel dat we willen vechten voor onze relatie. Er zijn echt wel momenten geweest waarop ik heel erg over de rooie was. Dat ik het helemaal niet meer zag zitten. Maar ik houd van de mens Janca. En als je van de persoon houdt, kun je blijven. Als je alleen van de man houdt niet, want die ben je kwijt…'


'Wino regelt alles, hij is de ideale man'

Margreet Verheij (39) runt twee fitnesscentra speciaal voor vrouwen en is dertien jaar getrouwd met Wino (43). Drie jaar geleden besloten zij de traditionele rollen om te draaien. Wino zegde zijn baan op en werd huisman.

'Ik kon het werk niet aan, was altijd gestrest. Wino werkte van zes uur 's ochtends tot zes uur 's avonds en ik van negen tot negen. We zagen elkaar amper meer. Ik liet tussendoor ook de honden uit, deed boodschappen en kookte. En het is niet zo dat je de deur achter je dichttrekt en dan klaar bent als zelfstandig ondernemer. Ik ben bovendien iemand die wat hij doet ook heel goed wil doen. Daarmee haal ik me veel werk op de hals.

Toen ik het tweede fitnesscentrum opende, hebben we veel gepraat over hoe het anders kon. Wino was hovenier en had in die tijd veel last van zijn rug. We besloten uiteindelijk dat hij zijn baan op zou zeggen en thuis de boel ging runnen. Hij had een goede baan als hovenier en was voorman. Daarom verwachtte ik eigenlijk dat hij bij wijze van spreken in een kleine depressie zou raken, maar dat viel reuze mee. Natuurlijk moest hij wel wennen aan de overgang.

Nu regelt Wino alles. Ik hoef echt nergens aan te denken. Mijn auto staat met volle tank op de oprit, mijn mobiel is opgeladen, net als mijn navigatie. Ik hoef nog niet eens mijn eigen boterhammen te smeren. Hij doet de was, strijkt en poetst. En het huis ziet er beter uit dan toen ik het vroeger deed. Hij wast de ramen, houdt de tuin bij, laat de honden uit, doet de boodschappen. Hij lost alles op en is de ideale man. Hij houdt zelfs bij wat voor weer het is en als het vriest zet hij zo'n karton op de voorruit zodat ik 's ochtends niet hoef te krabben.
Hij is echt super attent. Ik ben altijd druk in mijn hoofd en daardoor soms vergeetachtig. Overal waar ik niet aan denk, daar denkt Wino aan. Ook als het over de fitnesscentra gaat.

Onze relatie is veel beter geworden. Eerst zagen we elkaar bijna nooit, nu veel vaker. En er is meer contact; ik overleg veel dingen met hem. Ik ben iemand die springt voordat ik nadenk of ik wel over de sloot heen kom. Wino is de stabiele factor en checkt dan of ik hier of daar wel goed over heb nagedacht. Toen hij nog als hovenier werkte was hij de hele dag nauwelijks bereikbaar. Nu altijd. Door dat vele contact hebben we elkaar ook beter leren kennen. Na tien jaar huwelijk dreigden we uit elkaar te groeien, ook in dat opzicht moest er drie jaar geleden een keuze gemaakt worden.

We zijn heel tevreden met de keuze die we maakten. Wij hebben niet zo'n last van die omgekeerde rollen. De buitenwereld soms wel. Mensen vragen zich af wat hij de hele dag doet. Het is echt niet leuk als mensen zo oordelen of kleinerend doen. Iedereen heeft zijn trots. Eerst hadden ze commentaar omdat hij zo veel buitenshuis aan het werk was, nu omdat hij bijna de hele dag thuis is. Mensen oordelen toch, ze doen maar. Je kunt het wel uitleggen maar die uitleg lijkt toch nooit goed genoeg.'

terug

 

 

 

Wil je krassen in mijn gastenboek?
Webdesign, vraag meer informatie