Vergeetmuts

door Ria Kerstens

Een vriendin van me is nogal vergeetachtig. Zo raakt ze soms zelfs haar auto kwijt. Da's toch best onhandig. Ik bedoel, ik ben jarenlang een keer of drie per week mijn autosleutels kwijt geweest. Om over de weg nog maar niet te spreken. Dat was vóór ik een navigatiesysteem in mijn auto had én nádat het werd gestolen.

Dat met die sleutels was een ramp. Ik vond ze ooit zelfs in de koelkast. What was I thinking? Dat was na het boodschappen doen. Achteraf bedacht ik dat ik ze waarschijnlijk gewoon met het gebraden gehakt mee in het vleeswarenbakje gekiept moet hebben. Verder vond ik ze op het toilet (hoge nood gehad), tussen de kussens van het bankstel (opgewonden of doodmoe), in de papierbak (tussen de opgestapelde kranten) en in de zandbak van mijn jongste zoon. In dat laatste geval was het zijn schuld, niet de mijne.
Op een gegeven moment kwam ik zo'n sleutelhanger tegen die piepte als je floot. Reuze handig. Totdat ik de batterijen iedere week moest vervangen omdat mijn huisgenoten de hele dag liepen te fluiten. Om mij te jennen natuurlijk.

Ik ben een chaoot, en meestal kan ik daar best mee leven. Maar zonder autosleutels zitten is voor iemand die altijd op het scherpst van de snede (m.a.w. meer dan te laat) het huis uit rent, een regelrechte ramp.

Aan mijn autosleutels zitten mijn voordeursleutels. Dat is een groot voordeel want dat scheelt weer een zoektocht. Maar je sleutels kwijt zijn in huis, is nog wat anders dan je sleutels in huis laten liggen terwijl je naar buiten loopt en de voordeur achter je dichttrekt.
Ken je dat? Dat de woorden: 'Oh sjit', in een fractie van seconden door je hoofd flitsen terwijl je de deur in het slot hoort vallen? Zo'n point of no return gevoel. En natuurlijk nergens een raampje open hebben staan. Uiteindelijk kwam ik op het lumineuze idee om een reserve-exemplaar bij de buren neer te leggen.

In de tijd dat mijn auto's nog geen centrale deurvergrendeling (wel van die omlaagdrukknopjes) hadden heb ik ze ook regelmatig in het contactslot zien bungelen terwijl ik naast de afgesloten auto stond. Dan belde ik meestal mijn buurjongen. Die had altijd een (speciaal voor mij) verbogen kledinghanger paraat liggen om mij uit de nood te helpen.

Maar goed, die vriendin.
Mevrouw vertrok op een goede ochtend richting werkgever. Stressige baan, een dag duurt lang. Toen om vijf uur de 'toeter' ging, pakte ze haar tasje, groette de receptioniste en stapte vrolijk de deur uit. Het zonnetje scheen en ze liep richting fietsenhok. Maar kon haar fiets niet vinden. 'Oh nee', dacht ze. 'Dat kan ook niet, want ik ben met de bus.' En dus wachtte ze vrolijk op lijn 11 die haar bijna voor de deur van haar huis afzette.

'Schat, waar is jouw auto?', vroeg haar man haar rond een uur of zeven. Gepakt en gezakt met zijn muziekinstrumenten stond hij klaar voor een repetitie (zíjn auto stond bij de garage). 'Geen idee lief', antwoordde vriendin. 'Hoezo geen idee? Voor de deur staat hij niet.' 'Wat? Hoe kan dat nou. Jeetje, hij zal toch niet gestolen zijn? We moeten de politie bellen!', zei vriendin. Man stond met de telefoon in zijn hand toen hij begon te twijfelen. 'Weet je zeker dat je vanochtend niet met de auto naar je werk bent gegaan?', vroeg hij voor de zekerheid. 'Nee hoor, echt niet', hield vriendin vol. 'Het zonnetje scheen zo lekker dat ik met de bus ben gega…
Oh nee hé! Dat was gisteren…'


terug

Column Planet Internet:
Planet Auto
Vrouw en Auto

Meer columns

Wil je krassen in mijn gastenboek?
Webdesign, vraag meer informatie