Hormonaal gestoorde 40-plusser

Zit ik dus - met een half oog gericht op de weg, het andere op mijn autoradio - een passend lentemuziekje te zoeken, stampt die oelewapper vóór mij ineens op zijn rem. En niet voor een plotseling overstekend oud dametje, ziek konijn of op hol geslagen kinderwagen. Nee, meneer denkt galant te moeten zijn voor een leuke, jonge, blonde juffrouw op de fiets. Zielúg!

Ik stamp als een gek op mijn rem. Maar ABS of geen ABS, mijn Alfa schuift met een rotklap achter in de bumper van mijn voorligger.
In eerste instantie schrik en vloek ik me te pletter. Die blonde juffrouw stond toch gewoon keurig te wachten tot ik en mijn voorganger voorbij zouden rijden? Zoveel had ik met één oog nog wel gezien. De hormoongestuurde meneer komt ook met een klap terug op aarde. Het is wat met die 40-plussers die ineens de weg kwijtraken als de zon een keer schijnt. Blondie staat aan de grond genageld en heft haar handen naar de hemel. Nee kind, jij kon er niks aan doen.
Ze stapt op haar fiets en maakt zich snel uit de voeten.

Dit is de derde keer in twintig jaar dat ik achterop een andere auto knal. De eerste keer ijzelde het. Dat was met mijn allereerste autootje, een Datsun Sunny. Ooit knalgeel, toen ik hem kocht inmiddels pastel. Mét gaten in het rechter voorspatbord. Daar wist mijn buurjongen wel raad mee. Hij fabriekte het een en ander met kippengaas en een hele hoop plamuur. Daar zag je geen barst meer van. Totdat ik achterop een bange muts reed die niet begreep dat je door het oranje moet rijden als spekglad is. Met doorslippende wielen knalde ik er achterop. Drie keer raden wat er met het kippengaas en het plamuur gebeurde.

Mijn tweede knal (jaartje of twaalf geleden) was met een oude, groene Mercedes stationcar. Wel een turbo diesel. Automaat, alles elektrisch. Ging als de brandweer. Het was een beetje druilerig weer, maar in de auto scheen de zon. Ik wist net dat ik zwanger was en zag alles door een roze wolk. Ook het verkeerslicht. Met de stereo op vol volume zweefde ik boven de weg. Totdat die auto voor mij gewoon keurig stopte voor het rode licht. Hormonaal gestoord als ik al was, stapte ik krijsend uit de auto wat die idioot wel dacht dat hij aan het doen was. Gelukkig was het een lieve, kalme, oude man die mij alleen maar aankeek en vroeg hoe het met me was.

En nu dan de derde keer. Met mijn vlamrode, prachtige, bloedsnelle Alfa nog wel. Ik kan wel janken, maar doe het niet. De hormonaal gestuurde 40-plusser blijft gewoon in zijn dikke, vette Volvo zitten en kijkt het blondje lachend na. Aan zíjn auto is niets te zien. Beetje rode lak op zijn bumper, that's it. Hij kijkt niet eens op of om, geeft gas en rijdt gewoon verder. Ik er achteraan. Eerst over die weg met al die debiele hobbels. Vervolgens verdwijnt hij linksaf de straat in, stopt voor mijn voordeur en stapt lachend uit. 'Zag je dat blondje schrikken en verbaasd kijken toen ik doorreed zonder uit te stappen?' 'Ja, leuk schat. Hoe haal je het in je hoofd om ineens op je rem te gaan staan? Moet je kijken hoe mijn voorkant in elkaar zit!' 'Ach, gelukkig is het de voorkant van je auto maar. Kom, we gaan een borrel drinken, dat met die auto komt wel weer goed.'


terug

Column Planet Internet:
Planet Auto
Vrouw en Auto

Meer columns

Wil je krassen in mijn gastenboek?
Webdesign, vraag meer informatie