Koninklijk of puberaal

Ik hink op twee benen. Ben eigenlijk nooit zo’n twijfelaar, maar als het om auto’s gaat, vind ik kiezen moeilijk. Ik wil groot, statig en veilig, maar ook klein, cool en bloedsnel. Mijn dubbele persoonlijkheid speelt hier een beetje op. Normaal gesproken heb ik die toch redelijk onder controle. Net zoals mijn rijgedrag.
In zo’n grote, statige auto met automatische versnellingsbak is dat laatste trouwens wel wat gemakkelijker dan in zo’n kleine, snelle. Ik voel me een beetje de koningin van de weg als ik voortzoef in een echte automobile. Krijg iets arrogants over me. Verwacht eigenlijk dat de auto’s vóór mij wijken, zoals de Rode Zee voor Mozes. Dat gebeurt natuurlijk niet.

Zo’n grote bak geeft ook een gevoel van onsterfelijkheid. Alleen al door al dat kreukelzoneblik aan de voorkant en de tweeëntwintig airbags. Als ik even niet bij zinnen blijf, zou ik mezelf wijs maken dat ik nog springlevend en vrolijk uitstap na een, normaal gesproken, fatale crash. Zoiets als die meneer uit zijn Volvo laatst. Die met die nogal wakkere engel op zijn schouder. Hij werd van de weg gereden en verdween in de sloot, ónder een vrachtwagen met overmatig brandbare inhoud. Hij belde zelf nog naar de hulptroepen om zijn aanwezigheid te melden. Uiteindelijk kroop hij, vrijgeknipt door de brandweer, zelf breed lachend en volkomen ongedeerd uit de greppel. Een fantastisch, ‘don’t try this at home’- verhaal.

Ik wil ook zo’n ‘mij-kan-niks-gebeuren’-auto, maar ik ben realist. Snap maar al te goed dat mijn engel een onverwacht PMS-moment kan hebben (je weet wel, waar vrouwen ééns per maand last van hebben) en de redactie van Planet onmiddellijk een andere columnist moet zoeken. Slecht plan.

Nadeel aan zo’n grootse auto is het imago dat je opgespeld krijgt als blondine. Het overgrote deel van je weggebruikers gelooft nooit dat je ‘m zelf verdiend hebt. Tenzij je net iets te blond bent én gezegend met een indrukwekkend decolleté.

In alle andere gevallen ben je het ‘vrouwtje’ van. Zo’n roofkip die van PC Hoofdstraat naar de villawijk én terug rijdt omdat ze toch niks beters te doen heeft. Overigens logisch dat zij in zulke grote auto’s rijden, al die Gucci en D&G-tassen passen nou eenmaal niet in een Mini.

Groot of klein, statig of cool, superveilig of bloedsnel. Zoals gewoonlijk wil ik ’t allemaal. Veiligheid is belangrijk, maar het is kicken als je in zo’n wolf(je) in schaapskleren het driedelig grijs in zakenmobiel het snot voor ogen rijdt. Het geeft iets jongs, iets brutaals én puberaals. Een aardig alternatief voor botox en melkzuur. In zo’n kleine sportauto, natuurlijk een cabrio, geniet je ook meer van het motorgeluid. De gedachte aan zevenduizend toeren bezorgt mij al de kriebels op mijn rug. Daar heb ik nou niet direct last van bij een ‘dikke’ volautomaat, zelfs niet bij een 12-cilinder.

Geen idee hoe ik uit deze impasse moet raken. Ik wil alleen een auto die echt bij me past. Je maakt per slot van rekening toch een statement met de keuze van je auto. Ik ga deze week eerst maar eens uitvinden welke kant van mij het hardste roept. Tips en ervaringsverhalen zijn welkom. Ik hinkel in de tussentijd gewoon nog even door.
terug

Column Planet Internet:
Planet Auto
Vrouw en Auto

Meer columns

Wil je krassen in mijn gastenboek?
Webdesign, vraag meer informatie