Stomme doos

Door Ria Kerstens

Ze stopt naast ons voor het rode stoplicht. Jaartje of 25, wipneusje, blond krullend haar. Sportief type zo te zien. Kleurt wel aardig bij haar zwarte Seat Altea. Ongeduldig kijkt ze omhoog of het al groen wordt. Ondertussen driftig aan een ijsje likkend.

Ze lijkt zich niet bewust van de rest van de wereld. Wij (5), baldadig van een winderig dagje zee, des te meer. Toevallig kijken we allemaal tegelijk haar kant op. Nou ja, we staren blijkbaar. Het zou er uit hebben kunnen zien alsof we haar willen carjacken om haar ijsje te kunnen roven.

En alsof ze het voelt: haar blik gaat, terwijl ze lustig een stukje chocolade van haar witte Magnum knabbelt, naar links. Ze wordt onmiddellijk spinnijdig. Alsof we haar ijsje, met onze blikken alleen al, verzwolgen hebben. Haar ogen schieten vuur; als blikken konden doden…

Ik denk: stomme doos. Wat zit je nou een mooie dag en je ijsje - wat zeg ik -, je leven te verzieken. Wat mankeer je in hemelsnaam als je jezelf en een stelletje uitgelaten, overjarige grapjassen in een saaie, totaal niet spannende Volvo, zo serieus neemt.
Het is niet aardedonker, we hebben geen zonnebril of petje op. Geen lange, verhullende baarden, sikken of geblokte shawls om. We lonken alleen maar jaloers naar je versnapering.

Uitgewaaid, uitgelaten en behoorlijk fris geworden van een duik in het koude zeewater, beantwoorden we haar felle blikken, mimende lippen en bijbehorende gebaren spontaan met een oprechte, brede glimlach.

'Pfftt… wat een chagrijn', zegt P. 'Zeg dat', zeg ik. 'Poehee', zegt R. 'Ik vraag me af waarom ze zo vreselijk vijandig reageert.' 'Moeilijke jeugd gehad zeker', klinkt J. als Spuit 11 vanaf de achterbank. 'Misschien las ze laatst het verhaal over dat Duitse echtpaar dat werd vermoord om hun auto.', zegt E. 'Er lopen (en rijden) wat gestoorden rond in deze wereld. Nog altijd meer dan dat er binnen de hekken van gestichten of gevangenissen zitten.'

'Welnee', zeg ik, ´overdrijf toch niet. De wereld is mooi. Er zijn meer goeie dan slechte mensen. Dat weet ik zeker. Dat gelooft zij alleen niet.´ ´Ja, da is ook´, merkt R. op. 'Het is vast iets van de jeugd van tegenwoordig', mompelt J.

Ondertussen vloekt en gebaart het blondje heftig door. Wij zijn totaal niet uit het veld te slaan door de nijdige blondine en blijven vriendelijk terug glimlachen.
Ineens raakt ze volkomen van de wap. Binnen een paar seconden sterft de heftigheid in haar ogen en zakt haar ijsloze hand langzaam op het stuur. Tegen zoveel vriendelijkheid kan ze uiteindelijk toch niet op. Net voordat het licht op groen springt breekt er een grote, vette glimlach door op haar gezicht.


terug

Column Planet Internet:
Planet Auto
Vrouw en Auto

Meer columns

Wil je krassen in mijn gastenboek?
Webdesign, vraag meer informatie