|
Metro
23-5-2003
Een kolos met een trauma Hij stond te hijgen en te zweten als een paard. Nou ja, stond. Stepte als een hijgend zwetend paard. Ik denk dat de kolos naast me zeker 150 kilo woog. Ik staarde al cardio-fietsend (net alsof) naar de televisie aan het plafond, maar ik kon mijn ogen gewoon niet van hem afhouden. Naast zo'n reus vielen mijn rolletjes eigenlijk nog best mee. Gek, ik verlang iedere winter weer naar het voorjaar en de zomer en als het eindelijk zo ver is, dan baal ik. Dan haal ik de zak zomergoed weer van de zolder en loop ik een modeshow voor de spiegel van mijn eigen kledingkast. En sjonge, wat erger ik mezelf dan aan mijn eigen slapjanusheid. Vooral als ik bedenk hoe strak ik had kunnen zijn als ik die goede voornemens nu eens wel meteen had uitgevoerd in januari. Dus de sportschoenen maar weer van achter uit de kast gediept en een abonnementje bij de sportschool geregeld. Leuke tent trouwens; niet zo een waar dames in roze fluorescerende strings en andere cool- vette outfits, hun toch al magere lijf voor de 'leuk' staan te trainen of waar mannen met mouwloze hemdjes, voor de spiegel staan te geilen naar zichzelf. Nee, zo'n lekker achteraf zaaltje waar iedereen zich gewoon in joggingbroek en T-shirt staat af te beulen. Niemand let op iemand. Wel lekker hoor als iedereen gewoon met zichzelf bezig is. Ben je tenminste de enige die het gênant vind dat er wallen en wobbels trillen en lillen, als je je in allerlei vreemde standjes op zo'n trilplaat staat, zit, hangt of ligt. Maar die kolos. Ik schatte hem zo'n 35. Als hij dat al was. Terwijl de kilometers onder mijn pedalen voorbijschoten, vroeg ik me af hoe iemand het zo verschrikkelijk ver heeft kunnen laten komen. Bij 100 kilo hadden alle alarmbellen toch moeten gaan rinkelen. Maar nee, deze man liet het nog 50 pakken suiker verder komen. Daar moest een trauma achter zitten. Misschien
zijn moeder. Zo'n egocentrische, snauwende kenau die - bij gebrek aan
macht in haar leven - haar zoon door middel van emotionele chantage,
haar leven lang al van hot naar her dirigeerde. De kolos woonde dus
nog steeds thuis. Iedere zondag reed hij moeder braaf naar familie en kennissen, want zelf had ze geen rijbewijs. Zij regisseerde het huishouden en hij voerde het uit. Maar na een tijd kon hij de spanning van zijn eigen boosheid en frustratie niet meer aan. En om te voorkomen dat hij haar, met een koekenpan, dood zou slaan, vrat hij zijn ongenoegen weg met halve hanen, zakken chips en Frankfurter knakworsten. Die hij weer wegspoelde met liters cola. Ze
moest laatstelijk gestorven zijn. Dat kon niet anders. Door haar dood
zag hij zichzelf bevrijd. Na een diepe emotionele crisis had hij bedacht
dat het zó niet langer kon. |